website - vitaliteit tip - blauw - 17.jpg

 

In deze tijden van aanhoudende crisis worstelen veel organisaties om te overleven en zijn ze meer dan ooit afhankelijk van de productiviteit en bevlogenheid van hun werknemers. Bevlogenheid wordt gedefinieerd als een werk gerelateerde gemoedstoestand van vitaliteit, trots, enthousiasme en opgaan in je werk. Na meer dan tien jaar onderzoek naar bevlogenheid weten we dat bevlogen werknemers een betere gezondheid hebben, sneller herstellen van het werk, beter presteren, meer tevreden klanten hebben en bovendien hun collega's 'besmetten' met hun enthousiasme.

 

Hoewel met zo'n 90 procent van de Nederlandse beroepsbevolking niets ernstigs aan de hand is in termen van burn-out klachten, betekend dit niet dat zij allemaal bevlogen aan het werk zijn. Sterker nog, slechts twintig procent van de Nederlandse werknemer scoort hoog op bevlogenheid, wat veel onbenut potentieel op de arbeidsmarkt tot gevolg heeft. We moeten daarom met trainingen niet meer uitsluitend focussen op werknemers die iets mankeren, maar ook op werknemers die weliswaar naar behoren – maar nog niet optimaal – functioneren. Er zijn daarvoor verschillende mogelijkheden. Zo kan er bijvoorbeeld gezorgd worden voor voldoende autonomie en ontwikkelingsmogelijkheden op het werk. Een andere – en misschien wel effectievere – manier is om in te grijpen op de individuele werknemer zelf. Uit onderzoek blijkt namelijk dat veranderingen die we zelf initiëren in meerdere mate effect hebben op onze mentale gezondheid dan veranderingen die plaats hebben in de omgeving. Bovendien is de werkomgeving vaak erg robuust en moeilijk te veranderen.

 

Als het neerkomt op het bevorderen van bevlogenheid is het dus belangrijk dat werknemers zelf aan het roer staan, precies zoals dat bepleit wordt door de huidige trend van empowerment; iedereen is verantwoordelijk voor zijn eigen carrière en bevlogenheid. Er bestaat een theorie, de Broaden & Build-theorie, die stelt dat het allemaal begint bij een positieve ervaring op het werk die een stijging in positieve emoties veroorzaakt. Door het ervaren van positieve emoties verbreden mensen hun horizon waardoor ze andere vaardigheden leren – kortom zich verder ontwikkelen. Zo 'bouwen' werknemers als het ware persoonlijke bronnen op. Zoals zelfvertrouwen, optimisme en hoop. Deze bronnen leiden dan vervolgens tot meer bevlogenheid op het werk. Er blijken twee elementen van doorslaggevend belang te zijn bij een dergelijk 'bouwproces': het ervaren van positieve emoties en het stellen en behalen van persoonlijke doelen op het werk.

 

Voor ons onderzoek hebben we een online training ontwikkeld waarin zowel aandacht besteed werd aan de ervaring van positieve emoties als het stellen van persoonlijke doelen. De deelnemers begonnen de training met het invullen van een vragenlijst om inzicht te krijgen in hoe ze in hun werk stonden. Op basis hiervan werd de deelnemers gevraagd doelen te stellen en daar ook concreet aan te werken. Als ze bijvoorbeeld vonden dat ze te weinig feedback kregen van hun leidinggevende, dan moeten ze daarover het gesprek aangaan. Parallel aan dit proces kregen de deelnemers kleine opdrachten om hun positieve emoties te bevorderen. Zo werd hen ze bijvoorbeeld gevraagd om positieve ervaringen op een werkdag op te schrijven.

 

Resultaat was dat er inderdaad een stijging van positieve emoties en zelfvertrouwen plaats had onder de deelnemers, vergeleken met een controlegroep. Ook was er een deel van de deelnemers er qua bevlogenheid op vooruit gegaan. Else Ouweneel is arbeidspsychologe en promoveerde aan de Universiteit Utrecht op het onderwerp 'bevlogenheid'.

Bron: De Stentor, 20 juni 2012

 

MEI 2011 AMSTERDAM - Werknemers die met chagrijn werken, kosten de werkgever veel omzet. Bovendien loopt de schatkist voor miljarden euro's mis. 

Deze werknemers zijn namelijk veel vaker ziek dan collega's die wél met plezier werken. Bovendien brengen ze voor de baas minder geld in het laatje, wat weer belastinginkomsten scheelt.

 

Dit blijkt uit een studie van verzekeraar Centraal Beheer Achmea en adviesbureau &Samhoud. In het midden- en kleinbedrijf, dat met name werd onderzocht, bedraagt de schade voor de schatkist jaarlijks 6 tot 15 miljard euro.

 

Onvrede

„Als ook grote bedrijven worden meegerekend, dan loopt het verlies al snel op naar 25 tot 30 miljard euro", zegt Salem Samhoud, directeur van het adviesbureau. „Vooral in de itc, zorg en bij de overheid zien wij de onvrede groeien." Volgens hem leidt ongemotiveerd personeel tot een forse kostenpost. „Deze werknemers zijn vaker ziek en worden eerder, gedeeltelijk, werkloos. Daar draait de staat vroeg of laat voor op." eens te meer dat intensief bewegen ook effecten heeft op de cognitie."

 

Bron Telegraaf - door Sameer van Alfen

 

 

 

Een goede band met je collega's is belangrijk. Zo belangrijk dat deze zelfs je levensduur kan bepalen. Onderzoekers achterhaalden een verband tussen een ondersteunende collega en het risico op sterfte. Je baas schijnt geen effect te hebben op je levensduur.

 

Het 20 jaar durende onderzoek, uitgevoerd door wetenschappers van de Universiteit van Tel Aviv onder 820 mannen en vrouwen, toont aan dat de sociale steun op de werkvloer je levensduur kan bepalen. Wie goede collega's heeft, leeft langer. Het verband was het sterkst bij de groep respondenten in de leeftijd tussen de 38 en 43 jaar. Een positieve ondersteuning van managers of andere leidinggevenden had geen effect op de levensduur.

Controle
Uit het onderzoek, waarvan de resultaten zijn gepubliceerd in het tijdschrift Health Psychology, bleek ook dat levensduur bij mannen werd verhoogd door controle en beslissingsmacht. Bij vrouwen was dat niet het geval.

De respondenten werden geselecteerd uit de financiële sector, verzekeringswereld, nutsbedrijven, gezondheidszorg en industriële ondernemingen. Gemiddeld werken zij 8,8 uur per dag.

 

Bron De Volkskrant 18-05-2011

 

 

 

De overheid wil dat werkgevers en werknemers samen aan de slag gaan zodat werknemers langer gezond, vitaal en productief door kunnen werken. Om werkgevers en werknemers daarbij te ondersteunen heeft het kabinet het Vitaliteitspakket opgesteld. Het aantal ouderen neemt toe, terwijl er steeds minder jonge werknemers bijkomen. Daarom zullen mensen meer, langer en productiever moeten werken.

 

Langer gezond doorwerken

Werkgevers en werknemers moeten er in de eerste plaats samen voor zorgen dat mensen vitaal en inzetbaar blijven. Bijvoorbeeld door cao-afspraken te maken over gezondheid en scholing op het werk. Daarnaast neemt het kabinet maatregelen om ervoor te zorgen dat werknemers langer op een gezonde en vitale manier kunnen doorwerken. Deze staan in het Vitaliteitspakket.

 

De belangrijkste maatregelen uit het Vitaliteitspakket:

  • Bedrijven krijgen een bonus als zij een 55-plusser in dienst nemen. Deze mobiliteitsbonus wordt aangevuld als het om een oudere met een uitkering gaat.
  • Er komt een werkbonus voor 62-plussers. 62-plussers stoppen het vaakst eerder met werken. Daarom wil het kabinet juist deze groep stimuleren aan het werk te blijven. De werkbonus vervangt de huidige financiële regelingen voor ouderen om langer door te werken (de ouderenkorting en de doorwerkbonus).
  • Werknemers kunnen scholingsuitgaven eerder aftrekken van de belasting: de fiscale drempel wordt verlaagd.
  • De O&O-fondsen, scholingsfondsen van de verschillende beroepsgroepen, zullen mensen ook gaan omscholen voor werk buiten de eigen sector.
  • De levensloopregeling wordt omgezet in een nieuwe spaarregeling om mensen langer te laten doorwerken. Hieruit kunnen deelnemers bijvoorbeeld scholing betalen. Het kabinet komt met een overgangsregeling voor de levensloopregeling.
  • Het kabinet wil dat sociale partners afspraken maken over geld om mensen van de ene naar de andere baan te helpen. Met het 'van-werk-naar-werkbudget' kunnen met ontslag bedreigde werknemers via scholing een nieuwe baan vinden.
  • De ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en Volksgezondheid, Welzijn en Sport stellen een actieplan 'Gezond bedrijf' op voor gezonde arbeidsomstandigheden. Het actieplan moet onder meer beweging stimuleren en uitval van chronisch zieke werknemers voorkomen.
  • Vanaf 1 oktober 2011 kunnen bedrijven via een nieuwe Europese subsidieregeling geld krijgen als zij personeelsbeleid uitwerken dat is gericht op duurzame inzetbaarheid. Het kabinet onderzoekt nog of sectorale sociale partners en scholingsfondsen ook gebruik kunnen maken van deze regeling.

 

 

Op Prinsjesdag 2011 worden deze maatregelen in meer uitgewerkte vorm aan de Tweede Kamer gepresenteerd.

 

 

 

April 2011 - Uit recent verschenen onderzoek naar de Nederlandse werknemer blijkt dat de Nederlandse werknemer minder vitaal, minder betrokken bij het werk en minder gemotiveerd is ten opzichte van vorig jaar. Het jaarlijksterugkerende onderzoek is gehouden onder 2008 werknemers en is representatief voor de werkende Nederlandse beroepsbevolking.

 

Motivatie en betrokkenheid

Over de afgelopen drie jaar is de motivatie van de Nederlandse werknemer afgenomen. Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat dit in belangrijke mate wordt veroorzaakt door kritiek van werknemers op het veranderingsbeleid, de organisatiecultuur en werkdruk.

 

Toch voelt nog steeds 85% van de werknemers zich gemotiveerd. 9 op de 10 werknemers vindt het werk zinvol, 84% is enthousiast over zijn baan en 87% is trots op het werk dat hij doet. Betrokkenheid bij de organisatie scoort echter een stuk lager: n op 4 werknemers hecht niet zoveel betekenis aan zijn organisatie en voelt zich niet sterk verbonden met zijn organisatie. Opvallend is bovendien dat bijna 1 op de 4 werknemers niet meer dezelfde baan zou nemen als hij opnieuw voor de keuze stond.

 

Werkvermogen

De resultaten tonen dat werknemers hun gezondheid, mentale en fysieke welbevinden als minder positief beoordelen dan voorgaande jaren. 85% van de Nederlandse werknemers is van mening in een goede algemene gezondheid te verkeren. 88% denkt, uitgaande van zijn huidige gezondheidstoestand, over twee jaar nog in staat te zijn om zijn huidige werk uit te kunnen voeren. Werknemers met een flexibele arbeidsrelatie, werknemers in ploegendienst en werknemers in de landbouwsector scoren het laagst op werkvermogen.

 

Leefstijl

De Nederlandse werknemer is minder positief over zijn leefstijl dan vorig jaar. 42% van de werknemers geeft aan minder dan 3 keer per week een inspannende activiteit te doen van minimaal 20 minuten en 29% zegt onvoldoende tijd te nemen voor ontspanning. Ongeveer de helft eet gemiddeld 2 stuks fruit per dag en 72% ontbijt (bijna) elke ochtend. 1 op de 10 werknemers drinkt gemiddeld meer dan 2 glazen alcohol (vrouwen) of 3 glazen (mannen) per dag. Ruim een derde (38%) van de werknemers rookt 2 of meer sigaretten per dag. Mannen, uitzendkrachten, werknemers in ploegendienst rapporteren de slechtste leefstijl. Hoogopgeleiden en werknemers in het onderwijs en gezondheids- en welzijnzorg rapporteren de meest gezonde leefstijl.

 

Stress

47% van de werknemers ervaart regelmatig stress op het werk, waarvan 23% frequent tot zeer frequent. Een hoog werktempo, hoge werkdruk, overwerk en een disbalans tussen werk en priv liggen aan de basis: 35% ervaart een hoog werktempo, 19% een (te) hoge werkdruk, 26% maakt meer overuren dan hij/zij zou willen en 42% is niet tevreden over de work-life balance.

Opmerkelijk is dat 30 tot 34-jarige werknemers en werknemers in de transport de meeste stress ervaren. Werknemers in de zorgsector ervaren daarentegen de minste stress.

 

Veranderingsbereidheid

Vanzelfsprekend hebben bedrijven behoefte aan werknemers die bereid zijn aan de nodige veranderingen mee te werken. Bijna 8% van de Nederlandse werknemers verklaart zich echter (in meer of mindere mate) niet bereid om aan veranderingen in de organisatie mee te werken. Ruim een derde van de werknemers is bovendien van mening dat veranderingen in de organisatie voor henzelf geen positieve gevolgen zullen hebben en bijna een derde is er niet van overtuigd dat veranderingen tot verbeteringen zullen leiden.nemingen. Gemiddeld werken zij 8,8 uur per dag.

 

 

 

Sporten houdt je lichaam gezond en fit, maar intensief sporten laat je hersenen ook sneller schakelen. Zo blijkt uit onderzoek aan de Katholieke Universiteit Leuven.

 

Het is niet nodig om heel vaak of lang achter elkaar te sporten. Het gaat erom dat je af en toe dusdanig intensief beweegt dat de hartslag en ademhaling omhoog gaan.

 

Onderzoek

Het onderzoek beslaat de promotie van Maaike Angevaren. Zij onderzocht proefpersonen die sporten ter bevordering van het prestatievermogen, zoals bijvoorbeeld hardlopen, mensen die een andere vorm van training kregen zoals yoga of krachttraining en proefpersonen die geen sport beoefenden. Daarnaast heeft zij ook verschillende andere onderzoeken geanalyseerd. In totaal omvatte het onderzoek meer dan tweeduizend deelnemers.

 

Gezond oud worden

Het verschil in het schakelen van de hersenen is meetbaar bij gezonde ouderen. Daarbij kan fit blijven het gezond ouder worden ondersteunen. Angevaren: "Het is bekend dat fysieke activiteit en sport belangrijk zijn voor een gezonde oude dag. Nu blijkt eens te meer dat intensief bewegen ook effecten heeft op de cognitie."

 

02 mei 2011

 

 

Deventer Ondernemers Challenge 2012 lees meer...

 

 

 

 

 

 

Contact vc

 

 

 

 

 

 

Privacy  Disclaimer